Zeilen rond de Azoren betekent wennen aan oceaandeining, ook als het getij (maximaal een meter) en de stroming weinig te betekenen hebben. De wind is door het Azoren-hoog vaak matig, maar kan binnen één dag van windstil naar stevige vlagen omslaan. Tijdens een oversteek komt het vooral aan op goed sturen op de golven, of liever: zo weinig mogelijk sturen, want dat kost snelheid. Door de vulkanische ondergrond, de eilanden liggen op de Mid-Atlantische Rug, kan het kompas hier plaatselijk afwijken, een reden om je navigatie op meerdere manieren te checken. Voor wie dat wil is er ook ruimte voor astronavigatie: positiebepaling aan de hand van zon, maan en sterren.
Aan land wacht een wereld van kratermeren, warmwaterbronnen en een rotsachtige kust. In Horta vertelt de met mozaïeken versierde kademuur het verhaal van eerdere bezoekers, en bij Peters Sport Café, al 80 jaar een vaste pleisterplaats voor zeevaarders, hoor je de verhalen van net aangekomen wereldzeilers. Ook een walvisexcursie of het spotten van dolfijnen onderweg is op de Azoren goed mogelijk.
De vlucht regel je zelf: heen meestal naar Ponta Delgada. Google Flights geeft een goed overzicht van de mogelijkheden.